Wetenschapscommunicatie: enkele basisprincipes en kanalen

Wetenschappers zijn meestal erg bedreven in het voorstellen van hun bevindingen en ontdekkingen aan een academisch publiek via congressen, artikels, … Maar ze hebben ook de maatschappelijke opdracht om deze kennis te delen met het grote publiek. De manier van communiceren is echter heel anders dan op een jaarlijks congres van het onderzoeksdomein. Wetenschapscommunicatie vergt dan ook in het begin wat denkwerk.  

Academisch taalgebruik kenmerkt zich door objectiviteit, efficiëntie en genuanceerdheid, maar hiermee bereik je geen breder publiek. Als wetenschapper moet je dus even uit je comfortzone treden om je onderzoek op een kleurrijke, meer emotionele manier te brengen.  

Basisprincipes

  1. Vertel je publiek een verhaal en stem je taalgebruik af op je doelpubliek. Beperk je verhaal ook tot één kernboodschap.
  2. Maak gebruik van beeldmateriaal. Beelden zeggen vaak meer dan woorden op voorwaarde dat het de juiste beelden zijn. Vermijd voorgekauwd beeldmateriaal en maak gebruik van echte beelden in echte situaties of maak een infographic. Een handige tool om met infographics aan de slag te gaan is Canva.
  3. Eens je je verhaal hebt en een beeld om het te illustreren, ben je klaar om naar het grote publiek te trekken. Uiteraard bestaan er heel wat kanalen om je onderzoek met hen te delen, het ene al wat laagdrempeliger dan het andere.

Inspiratie voor kanalen

Opleidingen

PRESS>SPEAK>inspire 

Zeg ’t eens/Let’s talk science: zomerschool voor doctorandi en postdocs 

Creating a scientific poster (Antwerp Doctoral School)

SciComm Academy (vanaf het najaar)

Wedstrijden 

PRESS>SPEAK: presentatiewedstrijd voor jonge onderzoekers met voorbereidingstraject. 

Jaarprijzen wetenschapscommunicatie (Deadline 26/04 via els.grieten@uantwerpen.be

Loopbaanprijs wetenschapscommunicatie (Deadline 26/04 via els.grieten@uantwerpen.be

Vlaamse PhD Cup: Jolien Faes haalde in 2018 brons in de PhD Cup (openingsbeeld). Zij toonde in haar doctoraat aan dat doofgeboren kinderen met een cochleair hoorapparaat even goed leren spreken als leeftijdsgenoten.